Het kunstzinnige (schilderen,tekenen,boetseren en beeldhouwen) heeft altijd een grote rol in het leven van Ad van der Lugt (2 juni 1946 - 20 november 2010) gespeeld.

Kon hij zich in de jaren 1976-1987 hoofdzakelijk uiten in pasteltekeningen en beeldhouwen, zo heeft hij tijdens zijn opleiding (1978-1983) en in de periode daarna een scala van andere mogelijkheden en technieken ontdekt. De glaceertechniek boeit hem het meest, omdat hij zich daarin als kunstenaar het best kan uiten.

Tijdens een studiereis naar Zwitserland ontmoette Ad aan het Goetheanum de schilders Hans Herman en Beppe Assensa. Daarbij maakte hij kennis met hun totaal verschillende aanpak in het schilderproces en de penseelvoering.
Gedurende een studie van de te hanteren penseelstreken vroeg Ad van der Lugt zich af hoe hiermee in het verleden is omgegaan. Hieruit ontstond een andere studie, te weten “Goud”, dat vroeger veel werd gebruikt als achtergrond bij Iconen.
Aan Ad de vraag of in onze tijd zuiver goud in het schilderij is te plaatsen. Het bleek een enorme uitdaging, evenals de toepassing van andere metalen, zoals zilver, koper en slagmetaal. Deze techniek vereist een groot geduld en een diepe doorwerking van de kleuren, vaak wel honderden dunne laagjes over elkaar. Op zoek dus naar nieuwe waarden.

Hierbij mag niet onvermeld blijven dat Ad voortdurend tracht een nieuwe weg te vinden. Zo werkt hij sinds enkele jaren ook met paletmes en acrylverf, een verfstof waar hij zich oorspronkelijk heftig tegen heeft verzet, maar die buitengewone mogelijkheden blijkt te bieden voor de door hem toegepaste methode.

De werken van Ad van der Lugt zijn ondergebracht in een privécollectie.
Hij heeft op diverse plaatsen in Nederland geëxposeerd en zijn werken zijn in landen over de hele wereld te vinden, onder andere in Zwitserland, Oostenrijk, Groot-Brittannië, de Verenigde Staten, Brazilië, Japan, Korea, Indonesië, Australië en India.